8 UUR LANG RACEN IN DE WOESTIJN

 Het is medio december. Ik krijg een uitnodiging op Instagram: of ik zin heb om 8 uur lang rondjes in een woestijn te rennen en zo mee te strijden om een van de grootste prijzenpotten in OCR. Mijn eerste reactie: echt niet, ik heb daar niets te zoeken! De opvolgende weken blijft deze race toch in mijn achterhoofd, wat als we een sterk team kunnen neerzetten..

Ik lees de informatie in de uitnodiging. Het is een parcours van 10km met 25 hindernissen. Je hebt 8 uur lang de tijd om zoveel mogelijk rondes te lopen. In de team categorie wisselen duo’s elkaar af in een estafetteformat. Ik stuur Stijn een berichtje, zin in rondjes lopen in een zandbak? Stijn is enthousiast, maar als we mee willen doen als team zullen er nog 2 teamgenoten bij moeten komen. Deze teamgenoten moeten sterke lopers zijn, een flink duurvermogen hebben en moeten foutloos zijn in de hindernissen. Maar nog belangrijker: het moeten teamspelers zijn en er moet een onderlinge ‘klik’ zijn. Al gauw concluderen we dat als we echt kans willen maken we over landsgrenzen heen moeten kijken.

The European Elite?

We nemen de uitslagen van de afgelopen EK’s en WK’s door. Verschillende namen komen naar voren. De meeste atleten kennen we alleen van naam. Maar 2 namen komen telkens terug: Luca Pezzani, een berggeit uit het Zwitserse Ticino en Gonçalo Prudêncio, een Portugees die het ons erg moeilijk kan maken in zowel het hardlopen als in de hindernissen. We kennen hen niet alleen van het EK en WK, maar hebben ook regelmatig tegen hen gestreden in de OCR Series. Hierdoor zijn we goed op de hoogte van elkaars sterktes en zwaktes, daarnaast kennen we elkaar al een beetje. Voorzichtig verstuur ik een paar Instagram berichtjes. Ik krijg positieve reacties. Het team ‘European Elite’ is geboren.

Opeens ligt de lat erg hoog. Ons team bestaat nu uit 4 lopers die allen top 10 hebben gelopen op het WK. Maar geen van ons heeft ervaring met ultralopen, laat staan in een woestijn met een totaal ander klimaat. Via een whatsapp groep houden we elkaar op de hoogte van onze trainingsvoortgang en wisselen tips uit. Al snel is duidelijk dat het klimatologische verschil voor Stijn en mij het grootst zal zijn. In Nederland vriest het in januari, in Al’Ula is het dan zo’n 28 graden.

In de groepsapp worden artikelen doorgestuurd over de effecten van hitte op sportprestatie en verschillende protocollen om te acclimatiseren. Een aantal weken op locatie trainen is voor ons geen optie en een klimaatkamer huren is onbetaalbaar. Gelukkig is er een goedkoper alternatief: gewoon trainen met heel veel kleren aan. Ik voel me aardig idioot wanneer ik van top tot teen ingepakt de sportschool inloop. Ik stel maar gauw de loopband in en begin aan mijn programma. Ik houdt mijn hartslag bij en iedere 15min meet ik mijn lichaamstemperatuur. Na de eerste 2 metingen is de lichaamstemperatuur nog steeds niet op het gewenste niveau. Met tegenzin trek ik dus ook handschoenen, een muts en een buff aan. Pfff.. wat is dit zwaar, hopelijk zorgen deze sessies er voor dat ik er in de woestijn minder last van krijg.

Een vreemde reünie

Op 22 februari na een lange vliegreis met meerdere overstappen kom ik aan in Al’Ula. Deze regio is volop in ontwikkeling sinds het land in 2019 open is gegaan voor toeristen. Als iemand die nog nooit in het midden oosten is geweest is het landschap onwerkelijk. Het is hier net Mars op aarde. Grote kliffen van vulkanisch gesteente reizen op uit het zandlandschap. Wat een gave omgeving is dit voor een wedstrijd, al weet ik niet of ik hier na 8 uur racen nog zo over denk..

 

Na een busrit vanaf het vliegveld komen we op aan op het wedstrijdterrein. Het is een nogal vreemde reünie, iedere toploper uit de OCR wereld is aanwezig. Maar op een plek, en een wedstrijd die niemand had verwacht. Al snel vormt zich een groepje om de omgeving hardlopend te verkennen. Ik merk dat het lichaam nog moet wennen aan de omgeving, de lucht is zo droog dat mijn keel er pijn van gaat doen. ’s Avonds is een diner en na een lange dag gaan we slapen in onze glamping tent.

De volgende dag is ons team compleet. Aangezien de wedstrijd de volgende dag is beginnen we nu wat serieuzere voorbereidingen te treffen. We gaan naar het dorp om extra water te halen, we maken porties van onze sportvoeding, testen verschillende schoenen en leggen onze kleding klaar. Ook wordt er uitgebreid gespard over onze tempostrategie en welk duo als eerste zal moeten starten. Het is namelijk zo dat je als team de eerste en laatste ronde gezamenlijk loopt en dat dus 1 duo na de start direct 2 rondes (20km) loopt. Via een Excel bestand berekenen we verschillende tempostrategieën en we besluiten uiteindelijk dat Stijn & ik het eerste duo zullen zijn.

12988_20240224_144534_335058071_original

Een Arabische Nacht

In de nacht voor de wedstrijd slaat het weer om. Er is een zandstorm. De tentdoeken wapperen in de wind en het lukt haast niet om te slapen. De volgende ochtend is het bewolkt en het miezert. Iets wat slechts 3 dagen in het jaar voorkomt. Maar ons hoor je niet klagen. Door deze weeromslag zijn de temperaturen een stuk aangenamer en is het zand iets minder mul. Perfecte omstandigheden voor een snelle race.

De Eerste Rondes

De volgende dag wordt de start een aantal keer uitgesteld om de parcoursmarkeringen te herstellen. Als dan eindelijk het startschot klinkt zijn we meer dan klaar om te gaan. Iedereen weet dat de race niet in de eerste ronde gewonnen wordt toch is het looptempo hoog. Dit komt omdat het eerste uur geen hindernissen open zijn, de perfecte kans om veel meters te maken voordat de hindernissen het parcours vertragen. In deze ronde komen we vrij snel in een groepje samen met andere kansrijke teams. Onze grootste concurrenten? ‘The A team’, bestaand uit Thomas van Tonder (SA), Nikolaj Dam (DEN), Veejay Jones (USA) en Manuel Dufaux (SUI). Dit team had zichzelf in de aankondigingen en podcasts al redelijk al winnaar gepresenteerd. Voor mij is dit altijd de perfecte motivatie om net iets harder te trainen en goed voorbereidt aan de start te verschijnen. De andere grote concurrent was ‘team Ajman’, een team uit de Emiraten bestaand uit Sergei Perelygin, Jan Vladdar en twee Emirati: Saleh Alsuwaidi en Obaid Alnuami, met name deze 2 atleten zijn ontzettend sterke lopers.

Na de eerste ronde moeten Stijn en ik door. Het duo uit de emiraten gooit direct het gas open. Lichtelijk zenuwachtig kijk ik toe hoe ze in een korte tijd een gat slaan. Ook al weet ik dat de race nog lang niet gelopen is het pijnlijk om te bedenken dat dit gat ergens weer goedgemaakt zal moeten worden. Stijn houdt zijn hoofd koeler: we moeten onszelf niet opblazen. Met een achterstand van ruim 3 minuten geven we het stokje over aan Luca en Gonçalo. Voor ons is het nu 45min pauze, maar ook de pauze is onderdeel van de wedstrijd. Je spoelt je af, trekt wat warms aan en je eet wat er op je voedingsschema staat. Voor mij was dit 750ml water met elektrolyten, een kwart sportreep, een stukje banaan en wat krentenbrood. Bij zo’n ultra race is het ontzettend belangrijk dat je goed blijft aanvoelen wat je lichaam aankan, als je teveel of het verkeerde eet raakt je maag overstuur en kun je een topprestatie wel vergeten.

Ieder Rondje Is Anders

Het bijzondere van zo’n lange wedstrijd is dat je meerdere hoogte en dieptepunten ervaart, soms zit je er helemaal doorheen, soms voel je je weer enigszins fris. Bij ons wisselde dat af waardoor we om de beurten elkaar ondersteunen. Langzaam maar zeker dichten we het gat met Team Ajman en we bouwen een voorsprong uit op The A team. Ergens halverwege de nemen Luca en Gonçalo de leiding door Jan en Sergei in te halen. Als we zo door blijven gaan is de overwinning binnen bereik. Maar met nog een aantal uren op de klok kan alles nog veranderen.

Na iedere ronde noteren we onze tijden in het Excel bestand. Het wordt duidelijk dat we niet op de geplande 10 maar waarschijnlijk op 11 rondes uitkomen. Aangezien de eerste en laatste ronde als team gezamenlijk gelopen moeten worden betekent dit voor mij en Stijn dat we de wedstrijd af zullen sluiten met een 20km en dat wij daardoor niet op 50, maar op 70km uitkomen. Alleen de gedachte bij deze afstand doet al pijn. Ik kijk op mijn horloge: 42,2 kilometer. Ik zeg tegen Stijn: ‘Gefeliciteerd met je eerste marathon’, ‘jij ook’ is de reactie. In stilte volbrengen we deze ronde. Vanaf nu gaat niets meer vanzelfsprekend.

Race Tegen de Klok

De klok staat op 7:52 als we na onze 10e ronde doorkomen. In het regelement staat dat je na 08:00 nog 60 minuten hebt om te finishen, als je te laat komt wordt je gediskwalificeerd. In een uur tijd zou je normaliter gemakkelijk 10km moeten kunnen lopen. Maar met 60km in de benen is niets meer vanzelfsprekend. Bij de start stelt Luca zijn horloge in. Zolang we met hindernissen onder de 6:00 min/km blijven zijn we safe. Deze laatste ronde breekt ons op. Ik wordt er doorheen gesleept door Gonçalo. Stijn wordt ondersteund door Luca. Iedere hindernis klimmen we heel beheerst af. Er is geen marge voor kramp of een blessure. Stijn zakt wat in en verliest tempo. Ik ga ook kapot maar op een vreemde manier is mijn ‘vertrouwde’ duurlooptempo het enige tempo wat nog lukt. Harder gaat niet, zachter doet alleen maar meer pijn. In de laatste 3 km wordt steeds duidelijker dat we de cutoff gaan halen. Met vlagen kan ik zelfs genieten dat ik deze ervaring kan delen met 3 atleten die ik graag mag. Stuk voor stuk zijn het harde werkers. Ze combineren een ‘normaal’ leven met hun sport. Dit betekent vroege ochtenden en late avonden waarin de trainingsuren gemaakt moeten worden. In tegenstelling tot sommige andere atleten zul je hen nooit horen opscheppen hoe goed ze zijn of hoe hard ze trainen. Hun drijfveer is om de beste versie van zichzelf te zijn. Het is deze bescheidenheid en vastberadenheid dat ons team doet winnen. Als een van de laatste lopers op het parcours komen we na 110km over de finish. De klok slaat 8:50:33.

1 gedachten over “8 HOURS OF RACING IN THE DESERT”

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

nl_NL